Bookmark and Share

Schrijver@Work

Schrijven, fotograferen en concentreren

Elinor Archer is afgestudeerd aan de schrijfopleiding van de Rietveld Academie. Haar liedteksten toeren in 2011 door theaters in Nederland en ze is druk als creatief brein voor Festival Mooie Woorden.

Ze schreef onlangs een lezers leesgids en een radioreclame. Haar laatste optreden duurde precies één minuut. Schrijven, fotograferen, tekenen en concentreren, dat had zij zich voorgenomen te gaan doen op de Maasvlakte.

16 september 2011

Laatste bericht uit de bloghut

Ik kwam Meeuw tegen op de pier.
- Hoi.
- Khaaa.
Hij herkent me niet zonder koekje.

De overalls hebben het terrein voor de blokhutten opgeruimd tot het laatste verschroeide bekertje. Onderaan de windmolens vond ik honderden papieren vliegtuigjes.

Ik heb geleerd wat hoppers zijn en hoe ze lozen, of lossen. Ik heb geleerd wat pendekkers zijn.

Piet heeft de zeehond inmiddels vrijgelaten, het was een emotioneel moment voor ons allemaal. Voor Maria en Vera de Braziliaanse schoonmakers, voor Theo, voor Rino de brugprovoost met een zwak voor vla en een penchant voor woorden, voor Marcel en Marcel van de geluids- en lichteffecten, voor de nieuwe Marcel van Boskalis, voor Elisa de salsakoningin met de pijnlijke duimen. Maar vooral voor Piet. Hij zei niet veel, hij had natte ogen. De zeehond zat er niet op te wachten. De Slufter is een goede plek voor zeehond, hij was dol op tosti's. We keken door de tralies van de parkeergarage hoe hij uiteindelijk toch naar de branding sjokte.

Ik heb nieuwe buren. Het zijn duikers.


Tat 3


Aan 't werk


Citadelle des frites


Atelier                                                                                           Foto's: Elinor Archer 

15 september 2011

Locatie, locatie, locatie

Ik hoor het mezelf zeggen: doet pomp 4 het weer? Er is een nieuwe aangesloten. Het is rustig op de Slufter. De windturbines draaien hun rondjes met de klok mee nauwelijks zichtbaar. Je ziet het alleen met één oog dicht. De heren in hun ketelpakken op de dijk hoeven niet diagonaal te staan vandaag. Ik wou dat ik een foto van mezelf had terwijl ik hier zit op mijn ruime entree. Ik hoor vogels, de airconditioning van het gebouw, in de verte wordt haven geheid. Het buitenhof op de Maasvlakte heeft sjiek uitzicht. Zelfs als het stof heeft geregend. Locatie, locatie, locatie. De 4 x 4 ‘s rijden me af en aan, de windhonden rennen mee, ik zwaai naar de juggernaut op de weg, verlegen wordt er teruggezwaaid.

Er zijn hier geen bladeren in de herfst en dat stoort me.

De overalls van de blokhutten naast me doen iets met de windmolens op de ringdijk om de Slufter. Dial E for energy. Roep Eneco. Ik zag mijn blokhuttenbuurman 40m hoog, poppetje gezien kastje dicht. Soms vallen de luiken eraf. Ik lieg niet. Mijn conditie is aardig vooruitgegaan.

Ik ben alleen in het gebouw. Ik test alle nooduitgangen, vind readymades onder de filmzaal. Probeer alle smaken van het koffiezetapparaat. Ga nog even douchen. Ik hoor gekuch, "hallo?". "Hello I need to use your toilet", het is een van de overalls. Ik weet niet of hij me herkent zonder hut. Als hij me wel herkent houdt hij het goed verborgen. Geen wenkbrauw omhoog, geen hongerige blik, ik weet dat hij het laat gemaakt heeft gisteren. Mannen die buiten werken moeten het ook ergens doen, en deze zoekt een warme bril. "Yes, yes, go ahead." En weg is ie.

's Avonds lees ik een boek met de deur van de hut open. De overalls zeggen hee, steeds hee, of hàllô in het voorbijgaan, ik krijg het boek toch uit. Ik wil slapen met het licht aan. Ze dunken blikken op m'n dak. Ik droom. Er zit een gat in mijn arm, ik kijk er dwars doorheen. Laat de honden los.


                                                                                                               foto: Elinor Archer

14 september 2011


Landart                                                            Seal


And then there were three                                                Illustratie en foto's: Elinor Archer

13 september 2011

Rantsoen

Ronald: "Voor mij haalt íe nooit wat uit de printer. Ben jij haar secretaresse ofzo?"
Peter: "Jij hebt wel borsten maar die van haar zijn een stuk interessanter. Hehehe."
Elinor: ;-/
Ronald: "Slijmjurk. Hehehe."
Peter: "Nee logisch, jij kunt alle beweging gebuiken, anders gaan ze nog hangen ook." Naar mij: "Of hangen ze bij jou ook?"
Ronald en Peter: "Hehehe."
Elinor: :-O
Hoe is het om op Maasvlakte 2 te werken als vrouw? Ik heb er verschillende gezien. Het soort dat inmiddels gehard, zo niet nog harder dan haar mannelijke collega's is. Het wat zemige soort dat zich heimelijk gevlijd voelt. Het soort dat haar lippen stift voor het roken.

De blokhut is 4 bij 4, inhoud bij aankomst: 2 stapelbedden, 1 tafel, 4 stoelen, 1 grote bezem, 1 kleine bezem, 1 blik-op-steel en 1 ingelijste print van een aardappelstamper, voor net dat kleine beetje extra. Er zijn 2 ramen, waarvan er 1 aan de zijkant open kan, het slot is kapot. In de deur zit het derde raam. Het is prettig het hutje in te richten. Ik schuif stoelen heen en weer, verhang eens een jas. Er hangt een waslijn, vlaggetjes schone was. Ik eet van de planken vloer. Ik overweeg een aantal van de op mijn stapelbed geschreven nummers te pingen. Hoi Bram, ben je echt zo'n geile en ook hete beer? Het water is afgesloten, maar er staat buiten een kar met drie kranen. Het is even behelpen maar goed. Komt wel goed. Goed. De zon brandt een gat in je jas. De wind beukt, beukt ja, tegen het hutje. Staart van de orkaan. Ik had gehoopt me meer te vervelen hier. Meeuw heeft het baby konijntje niet opengereten maar alleen z'n oogjes uitgezogen. Het waait te hard om te vliegeren. M'n wijn waait uit m'n glaasje.

We zijn vandaag langs verschillende elektriciteitskastjes gereden. Daar hebben we mappen ingelegd met informatie over die kastjes. Zodat in de verre toekomst mannen weten wat ernaartoe leidt en wat er vandaan komt. Ik mocht er geen cartes postales voor boodschappen inleggen, dat de mannen elkaar wat kunnen schrijven. (Er ligt ook nergens een partyboot verstopt voor de schippers, waar ze bier uit kolenhavens drinken met strippers en pokeren, bijvoorbeeld). Gisteren was ik in een vogelhut, er lag een boek waarin spotters noteren welke vogels ze van hun lijst kunnen vinken. Ik had lepelaar en scholekster moeten noteren maar ik had geen pen bij me. Er stond: No birds. Some birds. A white bird. A spooner.

Ik heb nieuwe buren, Duitsers met overalls en bedrijfsbusjes, om half vier liep er een voor mijn hut met een halve liter. De dagen beginnen hier vroeg. Ze hebben een afstandsbestuurbare monster truck waar ze erg tevreden mee zijn. Ik zie de bestuurder niet, de raw power heeft vrij spel. Hij kan springen over een plank gestut door een bezem. De monster truck raast iedere keer gevaarlijk dicht langs het konijnenlijkje. Soms heb je verschrikkelijke gedachten. Zoals dat je snel naar het toilet loopt zodat je geen vrienden hoeft te worden met overalls en dat je dan struikelt en op een konijn valt. Ik stond even voor het raam en zag de natte afdruk van een profielzool op de plank voor m'n huis. Net hoorde ik een ijselijke kreet, het was een van de overalls die langs het konijn liep.

Ik ben gestopt met de laptop iedere keer dicht te slaan als er iemand in de buurt is. Het is een oud ding dat niemand moet willen, zelfs als hebberige dief zou ik hem laten liggen. Soms ben ik blij dat ik geen dure spullen heb. Mijn hut ligt tussen de hutten van de overalls in, ze lopen graag dicht langs de mijne. Het waait zo hard dat het hoge gras plat ligt. Je moet je benen mid-stap corrigeren om je voeten op de juiste plek te krijgen. Het waait zo hard dat de vlaggenstokken plat liggen.

Van constante wind word je gek. Het geluid. Dat er altijd iets beweegt. Het is iets oers, fight or fright. Je denkt altijd dat- je moet rennen. Alleen zit ik in de hut. Het waait zo hard dat ik de deur niet openkrijg, niet dichtkrijg. De overalls zijn ergens op aan het broeien. Ze bouwen een parcours, er liggen nu modderige zandhopen van verschillende grootte op het terrein voor mijn hut. Het konijn is weg. Vielen Dank für das Kaninchen, seine Augen waren verloren. Het waait zo hard dat de fles waar ik het raam mee open houd is weggewaaid, de tweede ook. Het konijn ligt op het fietspad. Ik zit binnen met mijn jas aan. Er vliegt een overall door de lucht. Ik wacht tot het dak eraf waait.

12 september 2011

Schone zone / Vuile zone

Meeuw heeft me vanochtend een babykonijn gebracht. Hij kijkt me trots aan, hij wil een koekje. Het konijntje moet hem aangezien hebben voor een vriend, zijn neusje even opgehaald hebben, voor hem zijn gaan liggen, zijn zachte buikje ontbloot en toen tjak. Meeuw sleept het konijntje aan z'n oor naar me toe. Strik erom, klaar.

Omdat alles hier op de Slufter draait om het verwerken van vuil, draait alles hier eigenlijk ook om weer schoon worden. Echt, hygiëne wordt hier niet onderschat. Mocht je na het doornemen van deze 12 stappen nog geen schone handen hebben dan kun je mailen naar pandemie@portofrotterdam.com.

De douche in het Sluftergebouw is gemaakt voor stramme spieren. Ik sta er graag onder, dat moet ook wel, zo zie ik eruit na het stuk fietsen.

                                                                                                            Foto's: Elinor Archer

10 september 2011

Tent van hout


De tweede Maasvlakte is, denk ik, de guurste plek van Nederland. Hier werken mannen met eelt op hun wangen. Je kan nergens schuilen, het zand schraapt je open, je moet gewoon werken.

Vanavond heb ik in de blokhut op mijn iphone Bourdain en Zimmern gekeken. Ze gaan naar Japan en de Ukraine. Ik eet pakken soep. Met ballen. Pasta met saus uit pot. Chinees van eergisteren. Muesli met sinaasappelsap uit een beker met een vork. Het smaakt me best. Ik fiets veel.

Vrijdagavond wil ik hem op z'n vestje spugen. Van schuim ben ik. Dus hij zegt niet: ik kom niet. En ik, ik vraag het niet. (Trek je eigen plan.) Hij heeft gelijk. Als ik het zeg, te hard, is hij boos. Hij zet me even in de ijskast hoor. De melk is zuur en ik wacht op een sleutel. Er zijn nieuwe vissers. Nederlanders. Er rent er een met o-benen achter Meeuw aan. Wat een oetlul.

                                                                                                           Foto's: Elinor Archer

9 september 2011

Slow Whoop - Amsterdam, waar leit daddan?


45 km? 


Marks the spot


Mammoetbot


Weg                                                                                                       Foto's: Elinor Archer

8 september 2011

Hut-o-fun

Ik durf inmiddels, tussen 16:00 en 18:30 uur, voor mijn blokhut te zitten. Er zit dan niemand anders. Geen Polen, geen surfers, geen aanranders. Behalve de meeuw. Ik ben een schijtluis.

De wind staat zo, en zo hard, dat je sigaretje steeds uitwaait. De meeuw kan wel vliegen maar niet zo goed landen. Z'n pootje doet zeer. Hij hinkt van blokhut naar blokhut en terug. Hij durft steeds dichterbij maar tam is hij nog niet. Het is een jongvolwassen meeuw, gok ik. Ik zie geen donsveertjes, z'n kleuren staan sterk. Maar z'n blik zegt nog niet: ik pik je ogen eruit khaaaa. Khaaaa. Misschien is hij zich bewust van z'n handicap, is het verlegenheid, geen ooglust. Ik heb een aantal pakken biscuit gekregen toen ik hier werd achtergelaten. Met de helft lok ik de meeuw, de andere helft ligt onaangeroerd in de kantine van het Sluftergebouw. Met droge biscuits lok je geen Sluftermannen. Die lok je überhaupt niet.

Let vooral ook op mijn uitzicht. Foto's van hotelkamer-uitzichten zijn oneerlijk. Een hoofd kan draaien en 90 graden verderop valt nog iets moois zien, of juist iets lelijks, framing doet de rest. Bluf je facebook door. Foto's van blokhut-uitzichten zijn echter geheel objectief.

Nu een dramatische Maasvlakte lucht van vanochtend. Denk er zelf muziek bij, ik stel iets modern klassieks voor, Haagse School of de Stooges.

Insert foto dramatic sky.

Toen ik vanmiddag het Slufterdepot (het vervuilde meer) rondfietste deed ik een ontdekking. Ik had geen vergrootglas bij me maar het lijkt me iets voor CSI-Maaskantje.
Zie hier het bewijs:
1 flesje bier, Heineken,
1 flesje (Easy-jet maat) wijn, rood, merkloos,
1 stadspark barbecue,
en een hele berg konijnenskeletten.
Ik heb ze wel zelf zo neergelegd hoor. Maar ze lagen allemaal bij elkaar.
Het motief:
gezonde trek.
De verdachten/schuldigen:
vogelspotters. Eerst vogeltjes kijken en dan knijnen eten hè! (bad cop)
Piet van de Slufter geloofde er niks van toen ik met mijn stapels bewijsmateriaal aankwam (1 foto). Ondanks dat ben ik vandaag weer naar m'n hut teruggebracht. Ik had verwacht afgetraind terug te komen, zo gaat dat nooit lukken.

                                                                                                              Foto's: Elinor Archer
Terwijl ik het doe, twijfel ik of ik de meeuw eten moet geven. Hij is niet gezond, meeuwen horen in de lucht. De meeuw piept soms zachtjes naar me. Hij kijkt me aan met één oog. Hij wil een koekje. Knipoog. Hij wil er nog een. De vissers in de hut naast me blijken met hun groep twee hutten te beslaan. En in de eerste hut zitten ook een echtgenote en een dochter. Dat stelt een vrouw, in een blokhut, alleen, gerust. De meeuw piept en hinkelt naar de vissersvrouwen, ze voeren hem stukken verse forel, daar kunnen geen koekjes tegenop.

5 september 2011

Polen

Twee weken lang werk ik in het Sluftergebouw, architectonisch hoogstandje naast het Slufterdepot, een meertje waar sinds ongeveer 1987 al het specie (zwaar vervuild slib) van het gebied rond de nieuwe Maasvlakte wordt verzameld. In het Sluftergebouw werd ook ooit informatie over Maasvlakte 2 verstrekt. Deze functie is zo'n beetje overgenomen door het didactisch innovatievere FutureLand: Maar niks ten nadele van het Sluftergebouw hoor (al doet het woord Slufter me steeds denken aan darm), het is een heel gaaf gebouw.

Mijn voorgangers verbleven allemaal in het Hotel At Work. Een desolaat containerhotel vlakbij, voornamelijk betrokken door de mannen met bumperstickers: PL, DE, CZ-, die onder andere aan Maasvlakte 2 komen werken. Ik had te laat geboekt dus zit ik nu in een blokhut zonder water aan het Oostvoornse meer. Waar twaalfjarige FC Den Haag fans, op vakantie met hun vader, een visfanaat, hun voeten rusten. Mijn beddengoed ruikt schoon.


In het Oostvoornse meer zit vis, heel veel vis. En die vis die moet daar blijven zitten. Ze zetten hier niet voor niets elk jaar 1.000 kilo regenboogforel uit. Kilo. Dat klinkt ingevroren. 1.000 kilo regenboogforelguppies. Forel is lekker. Helaas is, Niet in de pan, het motto van het Oostvoornse meer, je mag er alleen sportvissen. Ze gooien de hengel uit, het 'nimfje' raakt het water, ze halen de hengel weer op, heel snel. Gooien hem weer uit, halen hem weer op (herhaal) (als een vlieg) en dan hangt er op goed moment een visje aan. Daarna moet ie gewoon weer terug. Plons. Het weerhoudt zowel vis als visser niet.

Oostvoorne zit vol Polen. Polen met missie. Ze komen om te werken in de nieuwe haven (wat ze precies doen weet ik nog niet) maar ze komen hier ook om te recreëren. En vissen dat kunnen ze daar in Polen wel, of hier in Oostvoorne. Gisterenavond laat cirkelde een politielandrover langs het meer. Het regende, het was koud en winderig en er liepen geen jongens met lodderige ogen rond, er was in de wijde omtrek zelfs helemaal niemand te zien. Maar 'Polen eten alles', die 'eten zelfs het aas van je hengel' dus cirkelt hier de rood-wit-blauwe 4x4 op regelmatige basis rond. Die Polen staan hun visjes dan allang te bakken. In wat ganzenvet. Lekker hoor. Jongens die je haven bouwen gun je wel een visje.

In het Sluftergebouw heb ik een kantoorplant aangekleed met een Port of Rotterdam-vlag. Een tekening van de kantine gemaakt op het whiteboard en een bank proberen te verschuiven. Naar oud Rietveld-gebruik heb ik in de vuilcontainer gegrabbeld. Er lag voor 2000,- EU stickers in, bij de Port of Rotterdam gaat ook weleens wat mis. Ik heb stapels E's A's G's en wat minder C's. Morgen mag ik hopelijk met Piet mee de waterzuiverheid checken. Ze waren bang waren dat ik met m'n fietsje van de dam het Sluftermeer in zou waaien, de fiets en ik zijn in de pick-up naar de blokhut gebracht. Dat was fijn.

Dit is mijn toilet, zolang het stormt. Ik ben nog bezig het design te perfectioneren. Ik heb morgen graag een droge regenjas.

                                                                                                               Foto's: Elinor Archer