Bookmark and Share

Slim kijken naar de toekomst

Sinds september 2010 zijn het Havenbedrijf Rotterdam en Next Generation Infrastructures (NGI) een samenwerking aangegaan. Tot 2015 wordt in verschillende projecten de kennis van NGI ingezet voor de ontwikkeling en realisatie van Maasvlakte 2. Internationale wetenschappers ontwikkelen in onderzoeksinstituut Next Generation Infrastructures ideeën over de infrastructuren van de toekomst.

In NGI werken kennisinstellingen, marktpartijen en overheidsorganisaties uit verschillende landen samen om theorieën, modellen en instrumenten te ontwikkelen die zorgen voor optimaal functionerende infrastructuren. Nu, maar ook in de toekomst. Wetenschappers uit verschillende disciplines werken daarvoor samen met beleidsmakers, toezichthouders, beheerders, investeerders, ontwerpers, aannemers en operators

Hoewel de blik gericht is op de toekomst worden geen pogingen gedaan de toekomst te voorspellen. Wel worden de toekomstige gevolgen van verschillende keuzes inzichtelijk gemaakt. Talloze scenario's worden zo in beeld gebracht.

Voorspellen of onderzoeken

Nieuwe ontwikkelingen worden veelal onderzocht door er een vereenvoudigd model op los te laten. NGI doet precies het tegenovergestelde. De modellen worden juist zo ingewikkeld mogelijk gemaakt. Alle denkbare omstandigheden die zich voor kunnen doen, worden in deze nabootsing van de werkelijkheid getest. Een computermodel rekent de ontwikkelingen door. Zo worden de gevolgen voor de nieuwe haven duidelijk als bijvoorbeeld de uitstoot van CO2 zeer kostbaar wordt. Maar ook als kolen en olie niet langer als brandstof gebruikt mogen worden. Het computerprogramma laat zien welke effecten dergelijke beslissingen kunnen hebben.

Juist voor Maasvlakte 2 is de inzet van dit programma interessant. De havenuitbreiding is nog een open vlakte waar de toekomst van de komende eeuw vorm krijgt. In digitale vorm wordt het gedrag van bedrijven die zich mogelijk in het nieuwe havengebied vestigen nagebootst. Dit gecombineerd met de instrumenten die het Havenbedrijf heeft, zoals de indeling van het gebied, de tarieven voor verschillende plekken en de eisen die aan de huurders worden gesteld geeft een bijzondere blik op de toekomst. Zo worden de gevolgen voelbaar en krijgt het Havenbedrijf inzichtelijk wat de keuzes zijn als zich bepaalde ontwikkelingen voordoen.

Ontwikkelingen

De ontwikkelingen die zich mogelijk voordoen zijn uiteenlopend van aard. De overheid kan regelgeving maken of wijzigen. Maar ook bewegingen in de markt kunnen voor veranderingen zorgen. Bijvoorbeeld de interesse voor biobrandstof. Wat gebeurt er als daar infrastructuur voor aangelegd wordt, klanten uit die sector aangetrokken worden, maar de vraag uit de markt blijkt over tien jaar verdwenen? Het model van NGI voorspelt niet welke ontwikkelingen zich voordoen, maar wat de gevolgen zijn van denkbare scenario's.

NGI gaat vervolgens een stap verder. Door een antwoord te geven op welke wijze je risico's kleiner kunt maken. Als bijvoorbeeld de interesse in biobrandstof afneemt, is het onwenselijk dat alle leidingen en installaties onbruikbaar worden. NGI probeert voor zulke ontwikkelingen dan ook de intelligente oplossingen te bedenken. Bijvoorbeeld het concept synthesegas te produceren als grondstof en energiebron voor allerlei processen in de haven. Dat gas kan uit ruwe olie gemaakt worden, maar ook uit aardgas, kolen of biobrandstof. Op die manier wordt de haven minder afhankelijk van ontwikkelingen op de energiemarkt. NGI kan niet alleen de technische en organisatorische oplossingen daarvoor ontwikkelen, maar ook de vervolgstappen uitzetten om daar te komen. Het is belangrijk om de keuzemogelijkheden vooraf door te rekenen. Wat moet je nu doen, of juist laten, om over twintig jaar Maasvlakte 2 in elk denkbaar scenario goed te laten functioneren.

Duurzaamheid

NGI buigt zich ook over de doorontwikkeling van duurzaamheid. Bijvoorbeeld ten aanzien van transport binnen de nieuwe haven, zoals containers die tussen bedrijven vervoerd worden. Dat gaat verder dan de logistiek, zoals voertuigen, tunnels, lopende banden, monorail. Maar juist ook organisatorisch. Welke maatregelen kun je nemen om het vervoer tussen die terminals op zichzelf te verminderen. Bijvoorbeeld door te kijken hoe bedrijven die producten willen uitwisselen dichter bij elkaar kunnen worden neergezet. Het gaat daarbij om uitdagingen die ontstaan door tegenstellingen als al dan niet aan diep vaarwater moeten zitten. Plaats je deze bedrijven dan toch bij elkaar op de relatief dure grond omdat ze veel onderling vervoer hebben? Of accepteer je een grotere afstand en maak de keuze voor een milieuvriendelijk transportsysteem? Ook hier geldt weer dat NGI niet de keuzes dicteert, maar de mogelijkheden en gevolgen in kaart brengt.

Hoe meer bedrijven zich bij dit proces aansluiten hoe waardevoller het wordt. Ideeën en inzichten van klanten maakt de waarde van de NGI-projecten groter. Bovendien staan deze bedrijven ook voor keuzes voor de toekomst. Hoe meer alles op elkaar is afgestemd hoe groter de kans op succes.

Plannen, ideeën en opgaven

  • Bouwen van een simulatieprogramma voor de toekomst van Maasvlakte 2, de 'kristallen bol'.
  • Strategieën voor energiekeuzes: biobrandstof, fossiele brandstoffen, wind, et cetera.
  • Bedrijfsclusters: welke clusters leveren welke voordelen, wat zijn de beste locaties, welke voorzieningen zijn ervoor nodig en hoe kun je die beheren?
  • Milieuruimte: welke mogelijkheden zijn er om de beschikbare milieuruimte optimaal te benutten?
  • Milieuregels: hoe beïnvloeden vergunningsystemen het gebruik van elkaars restproducten?
  • Vervoermethoden: wat voor gevolgen heeft de verschuiving van wegvervoer naar spoor en water?
  • Transport binnen de haven: wat is ervoor nodig en hoe kun je de omvang beïnvloeden.
  • Eigen synthesegas voor de haven: kan het, wat zijn de gevolgen en hoe kom je zover?