Effecten zandwinning onderzocht


11 juli, © Provinciale zeeuwse Courant, door Ton van den Nouweland

Voor de aanleg van de Tweede Maasvlakte is 325 miljoen kubieke meter zand nodig. Dat wordt ver uit de kust, waar de zee dieper is dan twintig meter, gewonnen. Dat meldt het Havenbedrijf Rotterdam, opdrachtgever van de Tweede Maasvlakte.
  
Normaal wordt bij ontgronding tot op twee meter diepte gegraven, maar dan zou een stuk zeebodem van elf bij dertig kilometer moeten worden aangepakt. Daarom wordt het zand tien tot vijftien meter diep afgegraven. Minder oppervlakte dus, maar wel aanzienlijk dieper. 

Een dergelijke ontgronding blijft niet zonder gevolgen. Op de plaats waar zand wordt gezogen verdwijnen planten en bodemdieren. Naar verwachting heeft dit zeeleven zich binnen enkele jaren hersteld. Een ander effect is slibvorming. Dat gebeurt doordat de sleephopperzuigers behalve zand ook water oppompen. Dat water vloeit vanaf het baggerschip weer terug. Het zand zakt snel naar de bodem, maar het slib wordt door de stroming meegevoerd en daalt langzaam neer. Daardoor vertroebelt het water. Resultaat is minder licht en minder algengroei: de basis van de voedselketen.

Op zich, zegt het Havenbedrijf relativerend, is zwevend slib een natuurlijk verschijnsel. Rivieren voeren het continu aan en vanuit het Nauw van Calais komt jaarlijks tien tot veertig miljoen ton slib de Noordzee in.

Het Havenbedrijf heeft zich verplicht bij aanleg van het nieuwe haven- en industriegebied verantwoord omgaan met het zeemilieu. Bovendien moeten de effecten van de ontgronding worden gemeten om vergunning voor de zandwinning te krijgen. Daarom vaart deze week een onderzoeksschip voor de Zeeuwse kust. Biologen van de universiteit van Hull brengen aantallen en conditie van jonge vis in kaart. Dit kost twee ton. In totaal besteedt het Havenbedrijf drie miljoen aan onderzoek naar de effecten van zandwinning.