Vislarf boven economie


12-2-2005 door Bart Reijnen, © Elsevier

De blokkade van de Tweede Maasvlakte door de Raad van State heeft een voordeel: dat de overheid nu ook eens ondervindt hoe verstikkend haar eigen regelgeving is.

Na meer dan tien jaar besluitvorming, wikken en wegen, besloot de ministerraad in september 2003 om een Tweede Maasvlakte aan te leggen, met 1.000 hectare industrieterrein en havenkades, ter uitbreiding van de Rotterdamse haven. Om problemen te voorkomen werden natuur- en milieuorganisaties als Natuurmonumenten en het Wereld Natuur Fonds nauw bij de plannen betrokken.

Ze schaarden zich achter de aanleg omdat de Maasvlakte beperkt zou blijven, er een nieuw zeereservaat wordt aangelegd, samen met nieuwe duingebieden en waterrijke natuur.

Alleen de Raad van State - het hoogste bestuurlijke rechtsorgaan - moest het besluit nog goedkeuren. Dertien partijen, waaronder burgers, kleinere milieuorganisaties en vissers- en tuinbouwbonden, tekenden bij de Raad bezwaar aan tegen de aanleg. Met succes, zo bleek afgelopen week. De 'planologische kernbeslissing' over de Maasvlakteplannen werd op acht punten nietig verklaard.

Zo zijn de gevolgen voor slib- en vislarventransport naar de Waddenzee onduidelijk, is de aanleg van het ene compensatienatuurgebied te onzeker en kan de aanleg van het andere boeren schaden. Ook is de zandwinning voor de kust niet goed geregeld. De Maasvlakte-procedure moet over. En dat levert mogelijk een halfjaar of meer vertraging op.

Twee maanden geleden blokkeerde de Raad van State ook al het bestemmingsplan voor de tweede fase van de nieuwe Amsterdamse waterwijk IJburg. Daar was onduidelijk of woningbouw wel buiten een natuurgebied bleef. Het opspuiten van zand zou ook tot sterfte onder driehoeksmosselen kunnen leiden, waardoor de kuifeend en de toppereend worden bedreigd. Eerder haalde de Raad al een streep door de kokkelvisserij in de Waddenzee, en blokkeerden de korenwolf, de kamsalamander en de zeggekorfslak elk 'hun' eigen bouwwerkzaamheden.

Valt de Raad van State iets te verwijten? Nee, zegt woordvoerder Pieter-Bas Beekman. De Raad onderkent immers wel degelijk het grote openbare belang van de landaanwinning bij Rotterdam, maar 'een rechter moet de regels toetsen'. En dat heeft alleen zin wanneer het zorgvuldig gebeurt. Geheel in lijn met de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn besliste de Raad: wie een beschermd natuurgebied verstoort, moet wetenschappelijk aantonen dat er geen schade ontstaat. Lukt dat niet, dan gaat er een streep door de plannen.

Het valt niet uit te sluiten dat de aanleg van de tweede Maasvlakte wel gevolgen heeft voor het milieu en bijvoorbeeld de vislarven. 'Een beoordeling moet worden gemaakt op basis van de beste wetenschappelijke kennis die voorhanden is,' zegt Beekman. 'Die hebben wij niet gezien.' Ook blijft onduidelijk wat er precies met de boeren gebeurt na aanleg van het natuurgebied.

Wellicht kunnen die nooit meer uitbreiden. Beekman: 'We vroegen het kabinet of het dat eigenlijk wel had uitgezocht.' Nee, was het antwoord.

Zijn er dan te veel en te strenge regels? Zouden de Deltawerken in deze tijd nog wel gebouwd kunnen worden? 'De regels zijn duidelijk,' vindt Beekman. 'De Raad toetst volgens de regels, soepeler kunnen we het niet maken.' En wil een bouwproject makkelijker goedgekeurd worden, 'dan moeten alle regels veranderen', aldus de woordvoerder.

© Elsevier