De eerste containerterminal die op Maasvlakte 2 in gebruik komt, wordt geëxploiteerd door een combinatie van stuwadoor DP World en vier rederijen: New World Alliance (MOL, Hyundai en APL) en CMA CGM. Het in Dubai gevestigde DP World nam in 2006 P&O Ports over en verzekerde zich daarmee van een positie als derde grootste 'global terminal operator'. De vier rederijen bevinden zich alle in de top van wereldwijd actieve containerrederijen. De rederijen APL, HMM en MOL werken operationeel nauw samen in 'The New World Alliance' terwijl CMA CGM zowel zelfstandig opereert als met partners in specifieke vaargebieden. De terminal krijgt een 20 meter diepe zeekade van 1.900 meter lengte, een kade voor binnenvaart- en feederschepen van 550 meter en een eigen railterminal met aansluiting op de Betuweroute. De terminal krijgt een capaciteit van circa 4 miljoen TEU en wordt in 2013 operationeel.
Het consortium onder de naam Rotterdam World Gateway kwam als beste naar voren uit de open beoordelingsprocedure die voor deze terminal is doorlopen. Binnen deze procedure zijn vier criteria gehanteerd bij de beoordeling van de biedingen: financiën, strategie & marketing, techniek en duurzaamheid. Vooral op het gebied van duurzaamheid is een goed resultaat geboekt. Zowel qua luchtvervuiling door de terminal als voor de inzet van de modaliteitenmix voor de doorvoer van containers naar het achterland zijn afspraken contractueel vastgelegd. Deze afspraken gaan, voor zover bekend, verder dan welke Europese terminal ook.